Jurre

Elke afdeling op SoZa is een microkosmos in zichzelf. Als antropoloog ben ik hier daarom met de neus in de boter gevallen. Veel van de bewoners dragen een rijke bagage met zich mee.

Wat me opviel op mijn eerste woongroep waren de lichte en vaak komische momenten die zich afwisselden met lastige situaties:

Een autistische jongen introduceerde me in zijn wereld van peperdure dierenpakken;

Iemand die zijn kast uit agressie in elkaar sloeg, bracht me naar zijn hamster verzameling; 

En ook drugsproblematiek liet genoeg ruimte vrij voor het “vinden van God”.  

Mijn huidige afdeling is veel meer een groepsproject; mede door een grotere diversiteit en door het feit dat de individuele levensprojecten beter op de rails staan. De culturele mengelmoes is een fleurig boeket; van de Ramadan tot Koptische gezangen; van Duitse hard rock tot Hollandse bordspellen; en van sigarettenpraat tot diepe existentiële vraagstukken. 

In SoZa is iedereen op doorreis. Het is een tussenstation waar vrijwel niemand dacht ooit te landen, en waar elke reiziger drie levens in zijn tas meedraagt. Die veelvormige en veelkleurige textuur maakt SoZa tot wat het is: een odyssee aan de Laan van Nieuw Oost Indië.